Home - Verslagverslag

Verslag excursie naar Venetië

(Opgesteld door deelnemer Tine Groen van Studio Groen+Schild)

Architectuurcentrum Rondeel en BNA Netsted organiseerden van 10 tot 12 oktober een excursie naar Venetië voor een gezelschap van dertien deelnemers.

De reis

In welke stad loop je vanaf de terminal van de luchthaven naar een pier om de boot te nemen naar je hotel? In Venetië, dat is toch geweldig! Ons hotel is op één van de eilanden, het Lido. 

We varen in 3 kwartier daar naartoe en zien de skyline van de stad: de karakteristieke koepels en torens. Eeuwenlang hebben hier boten gevaren, de laatste jaren steeds meer gevuld met toeristen, zoals wij ook zijn. Na het inchecken bij het hotel lopen we richting strand, dat er verlaten uitziet in oktober. Het is een aangename temperatuur, maar het seizoen is duidelijk voorbij: de strandtenten zijn gesloten. We zoeken verderop een restaurant en doen ons tegoed aan de Italiaanse pasti, piatti, wijn en water.

De Biënnale

De volgende dag voegt ons reisgezelschap zich samen bij de Giardini. We bezoeken op vrijdag en zaterdag de 19de architectuurbiënnale van Venetië, waarvan ‘Intelligens’ het thema is. 

Curator Carlo Ratti zei bij zijn benoeming als professor: ‘Om een brandende wereld het hoofd te bieden, moet de architectuur alle intelligentie om ons heen benutten.’ Deze gebundelde intelligentie noemt hij Intelligens, dat is afgeleid van intelligere (begrijpen) en gens (mensen). Hiermee introduceert hij een breed begrip van intelligentie: menselijke, natuurlijke en collectieve intelligentie. 

De biënnale reflecteert grote actuele uitdagingen zoals de klimaatcrisis, de druk op de gebouwde omgeving en de behoefte aan meer adaptieve, veerkrachtige architectuur. 

Wat hebben we gezien?

De eerste zaal op de hoofdtentoonstelling is aardedonker en warm. Er hangen tientallen airco’s en we lopen langs waterbakken, de kleffe lucht, de warmte en de herrie zorgen dat je deze zaal zo snel mogelijk wil verlaten: hiermee is de toon gezet: dit is wat ons te wachten staat in de snel opwarmende wereld. Een krachtig beeld!

Daarna volgen veel, heel veel zalen en paviljoens die laten zien dat er ongelooflijke resultaten worden bereikt als je intelligentie, individueel, collectief en kunstmatig, bundelt en die combineert met de wijsheid uit de natuur. Ik zal zeker niet de enige zijn, die enigszins overdonderd, behoefte had aan frisse lucht en een kop koffie. Zo veel informatie is niet te verwerken in zo’n korte tijd. Dus vroeg ik vroeg mijn reisgenoten wat de meeste indruk maakte in Venetië en gelukkig ontbrak de Biënnale niet.

Wat sprong er volgens ons uit?

Het Jingyang Camphor Court

Dit project van het Chinese bureau Vector Architects maakten op velen diepe indruk. Een ontwerp voor een hotel op een oude fabriekslocatie, waarin de bestaande bomen een belangrijke rol  hebben gekregen. Vooral de maquette was prachtig: een goede reminder dat architectuur over ruimte gaat en dat een maquette dus veel meer vertelt dan de prachtigste renders. Het project ademde een aangename rust en was gepresenteerd met verfijnde tekeningen. Voor de liefhebbers: Jingyang Camphor Court / Vector Architects | ArchDaily

Het Amerikaanse paviljoen.

Voor twee andere reisgenoten sprong het Amerikaanse paviljoen met het onderzoek naar de porche, de veranda, eruit. Het onderzoek heeft het thema ‘Veranda’ uit veel verschillende invalshoeken belicht: de geschiedenis van de veranda, de ontwikkeling van de veranda als vormelement, de symbolische betekenis van de veranda, de veranda als een sociale functie, en denkrichtingen/ontwerpen hoe de veranda ingezet kan worden voor actuele opgaven. 

De foto laat de buitenkant met een houten constructie zien, een open en inclusieve uitbreiding van het huis, die dient als overgang tussen het huiselijke leven en de openbare ruimte. 

Het Oekraïense paviljoen 

Wat betekent het om onderdak te creëren, te repareren en weer op te bouwen onder oorlogsomstandigheden? Het Oekraïense paviljoen op de Architectuurbiënnale van Venetië in 2025  plaatst de collectieve wijsheid van traditionele Oekraïense dorpshuisvesting tegenover de ‘noodwijsheid’ van zelfgeorganiseerde wederopbouw. De  tentoonstelling richt zich op veerkracht en weerstand, te beginnen bij het dak, Dakh in het Oekraïens. Het toont noodoplossingen door architecten en burgers.

Kan architectuur de klimaatcrisis helpen oplossen?

Voor het maken van dit verslag las ik een artikel terug van architect Joost Ector. Hij bezocht de Biënnale dit voorjaar en concludeert aan het eind van zijn column.

“Inmiddels begrijp ik wat dit jaar de les van Venetië is, althans voor mij. Niet dat we ons hoopvol of optimistisch mogen of moeten voelen door de honderden slimmigheden die er worden gepresenteerd, maar dat we letterlijk onder alle omstandigheden onverstoorbaar moeten doorgaan met denken, schetsen, knutselen, sleutelen en debatteren, ongeacht onze persoonlijke inschatting over de slagingskansen. Die doet niet ter zake; we hebben tenslotte geen andere keus dan voorwaarts.

Aan ons, architecten, zal het niet liggen, zegt deze tentoonstelling daarom vastberaden. Wij zullen altijd blijven ontwerpen en samenwerken aan een betere wereld, stoïcijns als het orkestje op de Titanic. Geen toepasselijkere manier om dat te onderstrepen dan tweejaarlijks zelfbewust kennisdelen in die schitterende, langzaam verdrinkende stad.”

Dwalen door Venetië

Dat brengt ons weer terug bij Venetië en de rest van het programma. Over deze prachtige stad had Ruud Teggelaar eerder een lezing gehouden in het Rondeel. Venetië heeft zoveel moois te bieden. De stad is gebouwd op een lagune met zout water. Er zijn dus geen natuurlijke bronnen of rivieren met drinkbaar water. Toch moesten tienduizenden inwoners voorzien worden van schoon drinkwater. Vanaf de Middeleeuwen ontwikkelde men een ingenieus 

systeem van cisternen (pozzi) die regenwater verzamelden en filterden. Het gefilterde water kon via een stenen putopening met bronzen rooster worden opgehaald. Er waren honderden putten verspreid over de stad, ieder plein (campo) had er één. De putten hebben hun oorspronkelijke functie verloren, maar blijven een gezellige ontmoetingsplek voor de bewoners van Venetië.

Scarpa, poëtisch modernisme

Vrijdagmiddag konden we terecht bij twee projecten van Scarpa: de Olivetti showroom op het San Marco plein en het museum Quirini Stampalia.

Hans Formsma had in april een lezing gehouden over deze Venetiaanse architect. En van de Olivetti showroom was hij het meest onder de indruk. Dit gold overigens ook voor een andere reisgenoot die het werk van Scarpa nog niet kende. Dit schreef Hans: ‘De samensmelting van diverse soorten materialen, zoals hout, goud, beton, koper, staal, mozaïeken en glas, tezamen met weerspiegelingen van vijverwater, super glad gestucte wanden en plafonds die het licht reflecteerden; dit alles heeft geleid tot een enorme ruimtelijke gewaarwording, die zowel in het interieur als naar het exterieur (San Marcoplein en overdekte galerij) zijn weerga in de architectuurwereld nauwelijks kent.’Prachtig hoe dit tijdloze interieur wordt gekoesterd. Dit pleit voor schoonheid in de architectuur. Wat mooi is hoef je niet af te breken of nieuw te bouwen, is dat niet de ultieme vorm van duurzaamheid?

Dialoog tussen water en architectuur

Het museum Querini Stampalia is een 16de eeuws Palazzo dat in de jaren 1960 is verbouwd door Carlo Scarpa. Voordat we naar binnen gaan laten we een groepsfoto op de brug maken door een Aziatische toerist. 

Eenmaal binnen zie je dat Scarpa ook hier steen, beton, messing, glas en hout op een verfijnde manier gebruikte. Elk detail is met aandacht ontworpen. En hij liet het water letterlijk het gebouw binnenstromen via zorgvuldig ontworpen bassins en kanalen. Zo maakte hij het water een onderdeel van de architectonische ervaring. Het licht dat door het water weerkaatst op de muren en plafonds geeft de ruimte een levende en veranderlijke sfeer. Ook de tuin is een juweeltje met geometrische vormen, waterpartijen, mozaïekvloeren en planten. 

Na een dag kijken, dwalen, varen, lezen, luisteren hebben we allemaal zin in het diner bij Osteria San Isepo, het restaurant dat Mariska al in Nederland had gereserveerd.

Zaterdag

Al weer een zonovergoten dag, we zitten veel in de vaporetto’s, de stadsboten van Venetië.

Deze dag begint weer met de architectuur biënnale waar we een klein meesterwerk van Scarpa kunnen bewonderen: het ticketloket.

Maar ook de boekwinkel uit 1991 van Stirling & Wilford blijft de moeite van het bezoeken waard. Weer zo’n mooi voorbeeld dat interieur en exterieur één is. 

Minimalisme en stilte

In de middag bezoeken we Punta della Dogana, dat ligt op een driehoekige landtong tussen het Canal Grande en het Canal della Giudecca. Het oorspronkelijk gebouw stamt uit de 17de eeuw, hier werden de goederen die Venetië binnenkwamen gecontroleerd. Het gebouw is sinds 2009 een museum voor hedendaagse kunst.

Tadao Ando heeft in opdracht van de Franse kunstverzamelaar Pinault het gebouw getransformeerd. Heel goed gedaan: licht, materiaal en verhoudingen creëren een gevoel van rust en contemplatie. Het werk van de Duitse kunstenaar Thomas Schütte komt prachtig tot z’n recht.

Nadat we zaterdagmiddag een woningbouwproject hebben bezocht is het officiële programma ten einde. Het neemt niet weg dat we met elkaar nog veel mooie dingen hebben gezien voordat we weer naar Nederland vertrokken. Waar je ook loopt: er is overal schoonheid om je heen. Als je de lelijke souvenirstalletjes negeert.

Publiciteit is welkom! Deel dit via:

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *